De textielsector staat onder druk: een vergrijzend personeelsbestand, een krappe arbeidsmarkt en complexe machines die technisch vakmanschap vragen. Precies daarom wordt duaal leren steeds belangrijker. Jongeren leren op school én vooral op de werkvloer, midden in een echte productieomgeving. Ze oefenen niet alleen technische vaardigheden, maar bouwen ook attitudes en zelfvertrouwen op.
We spraken met mentoren Hasan Alci (Phormium), Bart Wullaert (Balta) en trajectbegeleider Els Verschelden (weTech academy). Hun ervaringen sluiten opvallend goed aan bij de resultaten van een recente mentorbevraging, waarin ‘tijd’, ‘administratie’ en ‘communicatie’ opnieuw de belangrijkste uitdagingen vormen.
“Een duaal leerling komt leren – niet meedraaien”
Bij Phormium kiest mentor Hasan Alci bewust voor een leergerichte aanpak. “Een duaal traject is geen stage. Een stagiair kijkt/werkt mee. Een duale leerling moet je écht iets bijbrengen.” Die visie vraagt tijd en afstemming. Veel bedrijven zien dat als grootste struikelblok, maar Hasan houdt vast aan het opleidingsplan. “Ik wil weten wat hij al op school gezien heeft en waar ik op kan voortbouwen. De evaluatiemomenten met de school geven richting. Zo blijft alles helder.”
Trajectbegeleider Els Verschelden bevestigt hoe cruciaal deze houding is: “Hasan is een schoolvoorbeeld. Hij ziet de leerling als iemand die komt leren, niet als extra paar handen. Dat is niet overal zo. Jongeren te snel inschakelen in productie, doet het leerpotentieel verdwijnen.”
Leren tussen unieke machines
Phormium beschikt over een modern machinepark dat je elders nauwelijks vindt. “We hebben geen robots,” lacht Hasan, “maar we hebben wél een gloednieuw Picanol-weefgetouw. Dat leer je niet kennen bij niet-textielbedrijven.” Jongeren zien meteen hoe hun werk bijdraagt aan het eindproduct. Het versterkt hun motivatie. De huidige leerling vroeg zelfs uit eigen beweging om een klasbezoek te organiseren. Hij gaat de rondleiding geven en kan perfect uitleggen waar hij aan werkt.”
“Mentor zijn, is groeien in twee richtingen”
Bij Balta legt mentor Bart Wullaert de nadruk op de persoonlijke groei van de mentor zelf. “Mentor zijn is niet zo gemakkelijk, je moet daarin groeien. Je moet zoeken hoe je jongeren enthousiast krijgt om hun theorie om te zetten naar de praktijk.” Volgens Bart scherpen jongeren niet alleen hun vaardigheden aan, maar ze dwingen de mentor ook om het beste van zichzelf te tonen. “De jongens beter maken blijft een uitdaging. Maar zij dagen je óók uit zodat je hen sterk helpt staan in de maatschappij.”
Een vaak gehoorde klacht in de enquête is de wisselende voorkennis. Bart herkent dat onmiddellijk. “Je ondervindt al snel dat leerlingen op praktisch vlak achterstaan. Theorie omzetten naar praktijk blijft moeilijk. Maar door stap voor stap opleiding te geven en tips te delen, zie je hen groeien.” Zelf problemen leren oplossen geeft jongeren volgens hem veel voldoening.
Samen leren werkt alleen als school en bedrijf elkaar vinden
Zowel in de gesprekken als in de enquête klinkt dat de verbinding tussen school en bedrijf cruciaal blijft. Bart: “Jongeren bloeien open als ze begrijpen hoe het volledige proces werkt, niet alleen hun eigen taakje.” Regelmatige afstemming zorgt ervoor dat verwachtingen duidelijk blijven.
Els sluit zich daarbij aan: “Duaal leren werkt het best wanneer een bedrijf zich afvraagt: wat kan een jongere hier leren? Niet: wat kan hij nu al?”
Duaal leren als strategische investering
Voor bedrijven is duaal leren ondertussen ook een strategische keuze. De zoektocht naar technisch talent wordt steeds moeilijker. Hasan ziet duaal leren daarom als investering op lange termijn. “Het is moeilijk om technisch personeel te vinden. Door jongeren zelf op te leiden, versterken we ons imago én vergroten we de kans dat ze terugkeren.”
Balta deelt die visie, en Bart richt zich uitdrukkelijk tot nieuwe mentoren: “Zet je schouders onder duaal leren. Als je ziet op welke korte tijd je leerlingen iets kan bijbrengen… Theorie en praktijk in één traject laten samenkomen, dát bereidt jongeren echt voor op een succesvolle carrière.” Hij besluit: “De jongeren zijn onze toekomst.”
Een sector die groeit doordat mensen groeien
De uitdagingen in duaal leren zijn vooral organisatorisch: tijd vrijmaken, administratie stroomlijnen, verwachtingen verduidelijken. Maar waar bedrijven die inspanning leveren, ontstaan sterke leertrajecten. Jongeren krijgen autonomie en zien snel resultaat. Mentoren ervaren hoe hun begeleiding impact heeft. En bedrijven bouwen aan de vakmensen die ze in de toekomst nodig hebben.
Duaal leren brengt nieuwe energie binnen in een sector die volop in beweging is. Jongeren ontdekken een wereld die zij anders misschien nooit hadden overwogen. Bedrijven ontdekken het potentieel van investeren in mensen. Zo groeit de sector – stap voor stap, leerling per leerling.